VBDO roept n.a.v. haar rapport 'Sustainable remuneration' bedrijven op om de bonus te verduurzamen: Koppel minstens een derde van de bonus aan duurzaamheidprestaties
De koppeling van duurzaamheidsprestaties aan remuneratie van ondernemingsbestuurders is mogelijk, zo blijkt uit de handleiding Sustainable Remuneration, in opdracht van de VBDO door de adviesbureaus Hay Group en DHV met ondersteuning van het Ministerie van Economische Zaken. De gids laat zien welke manieren er zijn om prestaties op het gebied van duurzaamheid te koppelen aan de bonus. Staatssecretaris van Economische Zaken Heemskerk neemt het eerste exemplaar van de handleiding op 18 januari 2010 tijdens het MVO nieuwjaarsevent in Rotterdam in ontvangst van de directeur van de VBDO, Giuseppe van der Helm.
Aanleiding voor het handleiding zijn de conclusies die de VBDO vorig jaar trok uit bezoeken aan de vijftig aandeelhoudersvergaderingen waarbij slechts 7 van de bezochte AEX-genoteerde bedrijven een deel van de variabele beloning aan niet-financiële, duurzaamheid gerelateerde criteria koppelden.
In een onderzoek uit 2006 van dezelfde partijen werd al duidelijk dat met name commissarissen een instrument om duurzaamheidsdoelstellingen te koppelen aan de remuneratie van bestuurders konden gebruiken. Die vraag is door de economische crisis en het nu veelbesproken bonussysteem sterker geworden. De handleiding geeft nu antwoord op de vraag hoe deze koppeling te leggen.
De handleiding is tot stand gekomen op basis van gesprekken met stakeholders en bestuurders en de ervaring van DHV, Hay Group en de VBDO. Het resultaat is een stappenplan om duurzaamheidprestaties vast te stellen en aan bonussen te koppelen. Daarbij komen vragen aan bod als: Waarom is het belangrijk om duurzaamheidsprestaties te linken aan remuneratie, hoe kunnen relevante duurzaamheid indicatoren geselecteerd worden en welke doelen worden bereikt. Ook een aantal praktijkvoorbeelden van AEX- en internationaal genoteerde bedrijven wordt aangehaald.
De handreiking is uitgevoerd door DHV en Hay Group in opdracht van de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling. Het onderzoek is mede mogelijk gemaakt met financiële steun van het Ministerie van Economische Zaken.
Directeur Giuseppe van der Helm, directeur van de VBDO stelt: “De VBDO is blij dat met deze handleiding die laat zien dat er geen enkele reden meer is om de bonussen niet afhankelijk te maken van het realiseren van duurzame doelstellingen. Wat de VBDO betreft dient minstens een derde van de bonus gebaseerd te zijn op duurzame criteria, en moet minstens 60% van de variabele beloning gericht zijn op de realisatie van lange termijn doelstellingen. We roepen alle beursgenoteerde ondernemingen op om deze richtlijnen nog in 2010 te implementeren.”
Edmond Logger (Hay Group) geeft aan dat de economische crisis veel ondernemingen aan het werk heeft gezet met betrekking tot een herijking van de bestuurdershonorering. “Winst en aandeelhouderswaarde zijn en blijven natuurlijk essentiële performance indicatoren, maar hier kun je niet uit afleiden wat de passie van de onderneming is. Remuneratie van de topbestuurders wordt steeds meer een vorm van marketing. Ondernemingen kunnen zich hiermee sterk profileren. De remuneratie verraadt waar de onderneming voor staat.” Volgens Rob van Tilburg (DHV) “bepaalt de mate van duurzaamheidontwikkeling binnen een bedrijf in belangrijke mate de soort indicatoren die bruikbaar zijn. Van Tilburg vervolgt: “Gevorderde bedrijven kunnen gebruik maken van prestatie indicatoren als CO2 – uitstoot of bijvoorbeeld het aantal punten in een duurzaamheidsindex. Beginnende bedrijven kunnen gestimuleerd worden door een bonus te zetten op het uitbrengen van een duurzaamheidrapport.”






